De eerste echte trip
2000/07 Frans Vlaanderen
17/07/2000 Ons eerste groot verlof - een trip door Frans-Vlaanderen van Vakantiegenoegens. We zijn echt niet gewoon om lang weg te gaan. Met al die honden in huis waren we gewoon maximum een dag of 5 weg te gaan, zeker niet langer.
Hilde afgezet in Vurste en dan doorgereden naar Ieper, het was echter vrij fris voor tijd van ‘t jaar en we zijn daar dan niet lang gebleven. Onze eerste halt volgens het reisschema was Poperingen. Niet echt ver dus - er zijn daar 2 parkingplaatsen op een marktplein, je staat daar achter de hoek helemaal alleen, niet echt gezellig. Het stadje is echter wel een bezoekje waard en we hebben oa. een bezoek gebracht aan het hopmuseum. En daarna een paar lekkere biertjes geproefd zoals “Zatte Bie” - “ Hommelbier” en nog een abdijbier. In een zelfbediening zagen we een fles Hopjenever staan - niet goedkoop, meer dan 400 BEF, voor een halve liter. - maar wel heel lekker.
18/07/2000 Doorgereden naar Watou - en toen begon eindelijk de zon te schijnen - wat rondgewandeld in het kunstenaars dorp. En, hoe kan het ook anders, een plaatselijk biertje proeven, een Witte van Watou - niet echt een aanrader.
En dan beginnen we aan onze toer door Frans-Vlaanderen
Onderweg een lekkere picknick in ‘t veld bij Watten. In Watten staat een interessante molen waar we langs moesten en die stond juist om de hoek.
De topper van de dag was een bezoek aan de bunker van Eperleques, die in aanbouw was voor het lanceren van V1 en V2’s, maar gebombardeerd door de Engelsen voor er 1 raket vertrokken was. Een geweldig groot gebouw.
In een piepklein dorpje was er een doorgang van 3.20 hoog op 2.35 breed - de Mobi is 3 op 2.25 - dat ging dus maar net.
Volgens het schema hadden we moeten gaan slapen in Calais, maar door vermoeidheid en gebrek aan ervaring zagen we het niet meer zitten om daar nog aan te beginnen. We hebben dan maar een camping opgezocht, eigenlijk een blunder, want we betaalden veel geld en we stonden vlak naast de drukke baan.
19/07/2001 ‘s Morgens vertrokken en op zoek gegaan in Calais naar het museum van de kanaaltunnel, maar niet gevonden. Na heel wat omzwervingen en nog een paar omleidingen doorgereden naar Cap-Blanc-Nez. Cap-Blanc-Nez is de moeite waard, een mooie berg met een prachtig uitzicht, het weer was bijna perfect. Je hebt vandaar ook een goed zicht op het museum waar we zo lang naar gezocht hadden. Het museum ligt dus vlak bij Cap-Blanc-Nez. We hebben een plezante wandeling op het strand gemaakt.
Daarna verder naar oa. Witsand - een klein dorpje waar ik middenin reed om vervolgens geblokkeerd te geraken op de markt met voor mij een dikke bus. Na de bevrijding zijn we verder gereden naar Cap-Gris-Nez, deze berg is wel minder imposant dan Cap-Blanc-Nez maar toch ook wel eens de moeite.
Hierna hadden we naar Bologne-Sur-Mer moeten rijden om te overnachten, maar we zijn hier afgeweken van de route en naar Le Touquet (Paris Plage) gereden. De parking daar is gelegen aan de baai van de Canche. Een mooie wandeling gemaakt op het immense strand met zotte Velvet. Ria was met haar in zee gegaan en daar begon ze rond te springen als een dartel veulen.
In de duinen kampeerden een groep zigeuners die wel een beetje een onveiligheids gevoel veroorzaakten, maar de Franse politie kwam regelmatig rondkijken of alles nog rustig was.
20/07/2000 De ganse dag in Le Touquet gebleven. Tot onze verassing kwam rond 10 uur de plaatselijke bakker langs om snel wat brood te verkopen, wel handig. In de voormiddag naar het stadscentrum gewandeld om boodschappen te doen.
Toen we terugkwamen was het een drukte van jewelste aan de baai. Hoewel het nog één grote zandvlakte was, waren de kinderen van de zeilschool druk in de weer om hun bootjes klaar te maken. En dan plots kwam het water - zeer snel - alle bootjes het water op. Ze moesten natuurlijk ook op tijd terug zijn, want het water was een paar uur later even snel weer weg.
Als je zo op 1 plaats blijft, mis je toch snel een fiets om eens vlug iets te gaan halen in de winkel of zo.
In het dorp Etaples naast le Touquet is er ook een parking aan de haven, het lijkt me daar wel een stuk drukker.
21/07/2000 Onze toer terug verder gezet. Onderweg even halt gehouden aan Le Coupole, maar toch maar beslist om dit op een andere keer te bezoeken omdat er nog zoveel andere dingen op het programma stonden. We zijn dan naar een scheepslift gereden, die lift zelf was wel mooi, maar aan de overkant van het water was een bedrijf dat nogal wat lawaaihinder veroorzaakte. De parking van de lift stond nog wel aangeduid als mogelijke overnachtingplaats. Ons niet gezien, ‘t was trouwens ook nog veel te vroeg. Verder gereden naar de “clairmarais”, in de omgeving van St-Omer.
Dit waren moerassen waar paters kanalen doorgetrokken hebben, zodat het overblijvende land nuttig werd om er groenten te telen. Er varen boten door en dat was wel eens de moeite. Daarna doorgereden naar Mont-Cassel. In het dorp, halverwege, stond een verkeersbord naar boven "Parking 50 plaatsen". Dus wij naar boven, was dat een smalle steile weg! Het uitzicht was wel prachtig, maar daarna moesten we terug langs dat smal weggetje. ‘s Avonds zijn we terug in Poperingen gaan slapen en er stond toch wel een ander mobilhome zeker. Nog wat lekker bier gaan proeven en dan de plaatselijke culinaire specialiteit “Potjes vlees” - verschillende soorten vlees in gelatine met citroen - eigenlijk helemaal niet zo lekker, in elk geval goed voor 1 keer.
22/07/2000 Ons Hilde terug opgehaald in Vurste en terug naar huis voor de was en de plas en nog vlug een BQ met de Dickens’sen
2000/07 - De Champagnestreek
25/07/2000 Opnieuw vertrokken voor onze tweede trip uit het boekje van Vakantiegenoegens - nu naar de Champagnestreek. De eerste dag ging naar Laon. We begonnen daar met het zoeken van onze toekomstige overnachtingplaats ergens op een parking onder een spoorwegbrug - je kan het zo raden, dat dit niet te doen was - veel te druk. Dan toch maar vertrokken voor een bezoek aan de stad zelf. Laon is gelegen op een hoge berg te midden van een grote vlakte. Ooit hebben daar pausen gewoond. Er staat dan ook een kathedraal. Door het mistig, frisse weer en de drukte van het verkeer kon de stad ons niet echt bekoren. Ria is dan op zoek gegaan naar een alternatieve overnachtingplaats en die hebben we gevonden op de gemeentelijke camping van Laon. De camping zelf viel voor 100% mee, het was er niet duur en doordat het zo’n kleine camping is, was het er heel gezellig.
Er was per vergissing een Hollander op onze plaats gaan staan met een caravan. We hebben dan maar aangeboden om te wisselen van plaats wat beloond werd met een glaasje witte wijn en een gezellige babbel. ‘s Nachts was het enorm beginnen regenen - niet te doen.
26/07/2000 Als we naar buiten keken en dachten aan al die mensen in die tentjes, die konden daar gewoon niet uit, dan zaten wij daar wel hoog en droog. Ria was een beetje bezorgd hoe het nu verder moest met dat weer, maar we besloten verder te vertrekken, we moesten toch naar het zuiden (daar is het altijd beter weer, als je maar ver genoeg gaat) en we hoopten dan toch maar onder die wolk uit te geraken. En dat lukte grotendeels.
Onze eerste stop waren les Faux de Verzy - een eigenaardig bos waar beuken niet kaars recht groeien zoals ze dat gewoonlijk doen, maar in parasol vorm. Na deze uitstap reden we de Champagnestreek binnen. Dorpje na dorpje overal Champagneboeren en overal van die Champagnebomen. Het was wel mooi om door te rijden, maar niet alle dingen die aangegeven zijn in de brochure zijn de moeite voor het omrijden waard. ‘s Avonds belanden we bij de familie Boonen in Festigny, een Champagneboer waar je mag overnachten. Omdat we alleen zijn, stelde hij voor om naast het huis aan een leuk riviertje te blijven staan. Een prachtige plaats - mooi, rustig en gemoedelijk. Na het eten even Champagne gaan proeven. De helpers waren net terug van het veld en zaten gezellig op een keukentafel een glaasje Champagne te drinken alvorens naar huis te gaan. Een hele babbel gedaan met mijnheer Boonen over zijn afstamming, zijn grootvader was Belg en huwde zich in een Champagneboerenfamilie in. Dat gebeurde meer in die tijd blijkbaar. Een fles Champagne meegenomen naar de Mobi voor ‘s avonds. Ik had een stop afgeluisd om de fles af te kunnen sluiten. Hierdoor moet ze niet ineens uit en konden we een beetje overlaten voor ‘s morgens.
27/07/2000 ‘s Morgens in plaats van het gebruikelijke fruitsapje een lekkere Champagne om mee te starten. Heerlijk en niet zwaar (je krijgt er geen zware kop van).
De ganse dag hebben we dan nog rond gereden in de omgeving met oa. een stop bij een Champagneboer Lancelots - daar kregen we zijn “melisime” te proeven die we niet echt goed vonden. We hebben dan maar een paar flessen Brut gekocht (die achteraf prachtig bleek te zijn). Tegen de avond naar Epernais. Hier zijn op de parking goede faciliteiten. We stonden er in het begin helemaal alleen, maar dat komt vooral omdat we graag op tijd onze slaapplaats opzoeken - soms heb je bijna geen plaats en op andere locaties sta je dan helemaal alleen. Later stonde we er met een stuk of acht.
28/07/2000 Bezoek aan een Champagnekelder - we hebben de kelder van Mercier gekozen omdat we onze hond Betty bij hadden en daar rijden ze rond in een treintje. Dan moest ze zoveel niet stappen. Het bezoek aan zo’n kelder is zeker de moeite waard.
Nadien zijn we verder rond gaan rijden in de streek en bezochten we oa. Hautvillers. Een mooi dorpje waar ze gewoonte hebben om het beroep dat de eigenaars van een huis uitoefenen, uit te beelden in smeedwerk. Ook het graf van de uitvinder van de Champagne “Don Perignon” vind je hier.
‘s Avonds gaan slapen op een minicamping bij Novak die beschreven stond, maar de prijs viel wel lelijk tegen. We mochten ook niet op de camping zelf omdat de grond te drassig was en wij te zwaar waren.
17/07/2000 Ons eerste groot verlof - een trip door Frans-Vlaanderen van Vakantiegenoegens. We zijn echt niet gewoon om lang weg te gaan. Met al die honden in huis waren we gewoon maximum een dag of 5 weg te gaan, zeker niet langer.
Hilde afgezet in Vurste en dan doorgereden naar Ieper, het was echter vrij fris voor tijd van ‘t jaar en we zijn daar dan niet lang gebleven. Onze eerste halt volgens het reisschema was Poperingen. Niet echt ver dus - er zijn daar 2 parkingplaatsen op een marktplein, je staat daar achter de hoek helemaal alleen, niet echt gezellig. Het stadje is echter wel een bezoekje waard en we hebben oa. een bezoek gebracht aan het hopmuseum. En daarna een paar lekkere biertjes geproefd zoals “Zatte Bie” - “ Hommelbier” en nog een abdijbier. In een zelfbediening zagen we een fles Hopjenever staan - niet goedkoop, meer dan 400 BEF, voor een halve liter. - maar wel heel lekker.
18/07/2000 Doorgereden naar Watou - en toen begon eindelijk de zon te schijnen - wat rondgewandeld in het kunstenaars dorp. En, hoe kan het ook anders, een plaatselijk biertje proeven, een Witte van Watou - niet echt een aanrader.
En dan beginnen we aan onze toer door Frans-Vlaanderen
Onderweg een lekkere picknick in ‘t veld bij Watten. In Watten staat een interessante molen waar we langs moesten en die stond juist om de hoek.
De topper van de dag was een bezoek aan de bunker van Eperleques, die in aanbouw was voor het lanceren van V1 en V2’s, maar gebombardeerd door de Engelsen voor er 1 raket vertrokken was. Een geweldig groot gebouw.
In een piepklein dorpje was er een doorgang van 3.20 hoog op 2.35 breed - de Mobi is 3 op 2.25 - dat ging dus maar net.
Volgens het schema hadden we moeten gaan slapen in Calais, maar door vermoeidheid en gebrek aan ervaring zagen we het niet meer zitten om daar nog aan te beginnen. We hebben dan maar een camping opgezocht, eigenlijk een blunder, want we betaalden veel geld en we stonden vlak naast de drukke baan.
19/07/2001 ‘s Morgens vertrokken en op zoek gegaan in Calais naar het museum van de kanaaltunnel, maar niet gevonden. Na heel wat omzwervingen en nog een paar omleidingen doorgereden naar Cap-Blanc-Nez. Cap-Blanc-Nez is de moeite waard, een mooie berg met een prachtig uitzicht, het weer was bijna perfect. Je hebt vandaar ook een goed zicht op het museum waar we zo lang naar gezocht hadden. Het museum ligt dus vlak bij Cap-Blanc-Nez. We hebben een plezante wandeling op het strand gemaakt.
Daarna verder naar oa. Witsand - een klein dorpje waar ik middenin reed om vervolgens geblokkeerd te geraken op de markt met voor mij een dikke bus. Na de bevrijding zijn we verder gereden naar Cap-Gris-Nez, deze berg is wel minder imposant dan Cap-Blanc-Nez maar toch ook wel eens de moeite.
Hierna hadden we naar Bologne-Sur-Mer moeten rijden om te overnachten, maar we zijn hier afgeweken van de route en naar Le Touquet (Paris Plage) gereden. De parking daar is gelegen aan de baai van de Canche. Een mooie wandeling gemaakt op het immense strand met zotte Velvet. Ria was met haar in zee gegaan en daar begon ze rond te springen als een dartel veulen.
In de duinen kampeerden een groep zigeuners die wel een beetje een onveiligheids gevoel veroorzaakten, maar de Franse politie kwam regelmatig rondkijken of alles nog rustig was.
20/07/2000 De ganse dag in Le Touquet gebleven. Tot onze verassing kwam rond 10 uur de plaatselijke bakker langs om snel wat brood te verkopen, wel handig. In de voormiddag naar het stadscentrum gewandeld om boodschappen te doen.
Toen we terugkwamen was het een drukte van jewelste aan de baai. Hoewel het nog één grote zandvlakte was, waren de kinderen van de zeilschool druk in de weer om hun bootjes klaar te maken. En dan plots kwam het water - zeer snel - alle bootjes het water op. Ze moesten natuurlijk ook op tijd terug zijn, want het water was een paar uur later even snel weer weg.
Als je zo op 1 plaats blijft, mis je toch snel een fiets om eens vlug iets te gaan halen in de winkel of zo.
In het dorp Etaples naast le Touquet is er ook een parking aan de haven, het lijkt me daar wel een stuk drukker.
21/07/2000 Onze toer terug verder gezet. Onderweg even halt gehouden aan Le Coupole, maar toch maar beslist om dit op een andere keer te bezoeken omdat er nog zoveel andere dingen op het programma stonden. We zijn dan naar een scheepslift gereden, die lift zelf was wel mooi, maar aan de overkant van het water was een bedrijf dat nogal wat lawaaihinder veroorzaakte. De parking van de lift stond nog wel aangeduid als mogelijke overnachtingplaats. Ons niet gezien, ‘t was trouwens ook nog veel te vroeg. Verder gereden naar de “clairmarais”, in de omgeving van St-Omer.
Dit waren moerassen waar paters kanalen doorgetrokken hebben, zodat het overblijvende land nuttig werd om er groenten te telen. Er varen boten door en dat was wel eens de moeite. Daarna doorgereden naar Mont-Cassel. In het dorp, halverwege, stond een verkeersbord naar boven "Parking 50 plaatsen". Dus wij naar boven, was dat een smalle steile weg! Het uitzicht was wel prachtig, maar daarna moesten we terug langs dat smal weggetje. ‘s Avonds zijn we terug in Poperingen gaan slapen en er stond toch wel een ander mobilhome zeker. Nog wat lekker bier gaan proeven en dan de plaatselijke culinaire specialiteit “Potjes vlees” - verschillende soorten vlees in gelatine met citroen - eigenlijk helemaal niet zo lekker, in elk geval goed voor 1 keer.
22/07/2000 Ons Hilde terug opgehaald in Vurste en terug naar huis voor de was en de plas en nog vlug een BQ met de Dickens’sen
2000/07 - De Champagnestreek
25/07/2000 Opnieuw vertrokken voor onze tweede trip uit het boekje van Vakantiegenoegens - nu naar de Champagnestreek. De eerste dag ging naar Laon. We begonnen daar met het zoeken van onze toekomstige overnachtingplaats ergens op een parking onder een spoorwegbrug - je kan het zo raden, dat dit niet te doen was - veel te druk. Dan toch maar vertrokken voor een bezoek aan de stad zelf. Laon is gelegen op een hoge berg te midden van een grote vlakte. Ooit hebben daar pausen gewoond. Er staat dan ook een kathedraal. Door het mistig, frisse weer en de drukte van het verkeer kon de stad ons niet echt bekoren. Ria is dan op zoek gegaan naar een alternatieve overnachtingplaats en die hebben we gevonden op de gemeentelijke camping van Laon. De camping zelf viel voor 100% mee, het was er niet duur en doordat het zo’n kleine camping is, was het er heel gezellig.
Er was per vergissing een Hollander op onze plaats gaan staan met een caravan. We hebben dan maar aangeboden om te wisselen van plaats wat beloond werd met een glaasje witte wijn en een gezellige babbel. ‘s Nachts was het enorm beginnen regenen - niet te doen.
26/07/2000 Als we naar buiten keken en dachten aan al die mensen in die tentjes, die konden daar gewoon niet uit, dan zaten wij daar wel hoog en droog. Ria was een beetje bezorgd hoe het nu verder moest met dat weer, maar we besloten verder te vertrekken, we moesten toch naar het zuiden (daar is het altijd beter weer, als je maar ver genoeg gaat) en we hoopten dan toch maar onder die wolk uit te geraken. En dat lukte grotendeels.
Onze eerste stop waren les Faux de Verzy - een eigenaardig bos waar beuken niet kaars recht groeien zoals ze dat gewoonlijk doen, maar in parasol vorm. Na deze uitstap reden we de Champagnestreek binnen. Dorpje na dorpje overal Champagneboeren en overal van die Champagnebomen. Het was wel mooi om door te rijden, maar niet alle dingen die aangegeven zijn in de brochure zijn de moeite voor het omrijden waard. ‘s Avonds belanden we bij de familie Boonen in Festigny, een Champagneboer waar je mag overnachten. Omdat we alleen zijn, stelde hij voor om naast het huis aan een leuk riviertje te blijven staan. Een prachtige plaats - mooi, rustig en gemoedelijk. Na het eten even Champagne gaan proeven. De helpers waren net terug van het veld en zaten gezellig op een keukentafel een glaasje Champagne te drinken alvorens naar huis te gaan. Een hele babbel gedaan met mijnheer Boonen over zijn afstamming, zijn grootvader was Belg en huwde zich in een Champagneboerenfamilie in. Dat gebeurde meer in die tijd blijkbaar. Een fles Champagne meegenomen naar de Mobi voor ‘s avonds. Ik had een stop afgeluisd om de fles af te kunnen sluiten. Hierdoor moet ze niet ineens uit en konden we een beetje overlaten voor ‘s morgens.
27/07/2000 ‘s Morgens in plaats van het gebruikelijke fruitsapje een lekkere Champagne om mee te starten. Heerlijk en niet zwaar (je krijgt er geen zware kop van).
De ganse dag hebben we dan nog rond gereden in de omgeving met oa. een stop bij een Champagneboer Lancelots - daar kregen we zijn “melisime” te proeven die we niet echt goed vonden. We hebben dan maar een paar flessen Brut gekocht (die achteraf prachtig bleek te zijn). Tegen de avond naar Epernais. Hier zijn op de parking goede faciliteiten. We stonden er in het begin helemaal alleen, maar dat komt vooral omdat we graag op tijd onze slaapplaats opzoeken - soms heb je bijna geen plaats en op andere locaties sta je dan helemaal alleen. Later stonde we er met een stuk of acht.
28/07/2000 Bezoek aan een Champagnekelder - we hebben de kelder van Mercier gekozen omdat we onze hond Betty bij hadden en daar rijden ze rond in een treintje. Dan moest ze zoveel niet stappen. Het bezoek aan zo’n kelder is zeker de moeite waard.
Nadien zijn we verder rond gaan rijden in de streek en bezochten we oa. Hautvillers. Een mooi dorpje waar ze gewoonte hebben om het beroep dat de eigenaars van een huis uitoefenen, uit te beelden in smeedwerk. Ook het graf van de uitvinder van de Champagne “Don Perignon” vind je hier.
‘s Avonds gaan slapen op een minicamping bij Novak die beschreven stond, maar de prijs viel wel lelijk tegen. We mochten ook niet op de camping zelf omdat de grond te drassig was en wij te zwaar waren.
Reacties